Auteurs : Ingeborg Meijer - Geert Van der Veen - Redactie: Vincent Delemarre
Publicatiedatum : juli 2008
Door de jaren heen, heeft er steeds een kloof bestaan tussen enerzijds het fundamenteel onderzoek aan de universiteiten en onderzoekscentra, en anderzijds het toegepast onderzoek in de bedrijven. Zo ontbreekt in vele gevallen de afstemming tussen het langetermijn onderzoek aan de universiteiten en onderzoekscentra en het toekomstige potentieel voor economische valorisatie van de onderzoeksresultaten in de bedrijven. Door de grote risico’s en het ontbreken van kritische massa, staan vele ondernemingen bovendien weigerachtig om zelf over te gaan tot veelal dure strategische onderzoeksinvesteringen die gepaard gaan met een grote mate van onzekerheid op gebied van resultaat en winstgevendheid. Mede door de toenemende globalisering, heeft de Vlaamse industrie echter meer en meer nood aan dergelijk langtermijn onderzoek. Deze onderzoeksprojecten zouden hen immers beter in staat moeten stellen om de juiste strategische keuzes te maken om hun toekomstige positie op de markt te vrijwaren of uit te breiden.
Vanuit de Vlaamse Overheid heeft men vanaf eind jaren 90 deze lacune proberen opvullen, door de invoering van de opeenvolgende programma’s voor strategisch basisonderzoek: STWW, GBOU en SBO. De projecten die gesteund werden door deze opeenvol- gende programma’s situeren zich tussen fundamenteel algemeen kennisverruimend onderzoek en het meer specifiek toegepast onderzoek bij de bedrijven. Bovendien beogen ze economische en of maatschappelijke toepassingen in Vlaanderen op langere termijn. De niet onbelangrijke toename van de budgetten voor SBO en zijn voorlopers, onderstreept het belang dat de verschillende Vlaamse innovatie-actoren aan deze specifieke programma’s hechten.
Tien jaar na introductie van de respectievelijke programma’s voor strategisch basisonderzoek, werd de tijd rijp geacht om de projecten met economische finaliteit van SBO en zijn voorgangers voor het eerst aan een uitgebreide evaluatie te onderwerpen. Hierbij gold als centrale vraag of de door het IWT gesteunde projecten erin geslaagd zijn een brug te slaan tussen de onderzoekswereld en de behoeften van het bedrijfsleven. Specifiek werd aldus de nadruk gelegd op de wetenschappelijke output van de projecten, de economische valorisatie en de interacties tussen de instellingen van hoger onderwijs en het bedrijfsleven. Na grondige evaluatie van de resultaten van deze effectmeting, werden intussen al de eerste bijsturingen doorgevoerd aan het huidige SBO-programma.