Auteurs : Bart Clarysse - Mirjam Knockaert
Publicatiedatum : november 2009
Het huidige politieke debat over O&O-subsidies gaat vooral over de efficiëntie van O&O-subsidies, terwijl men zich op academisch vlak voornamelijk bezig houdt met welke bedrijven subsidies ontvangen en waarom. Deze laatste bevestigen dat het moeilijk is om representatieve bedrijven te definieëren, doordat niet alle bedrijven O&O-subsidies aanvragen. Zij ijveren dan ook voor het gebruik van controlegroepen en verschillende effectenmodellen.
De toepassing van deze modellen blijft evenwel beperkt, gezien het beperkt inzicht in de redenen waarvoor bedrijven O&O-subsidies aanvragen. D.m.v. een Heckmann selectie model analyseert deze studie welke jong technologische bedrijven subsidies ontvangen, rekening houdend met de waarschijnlijkheid dat ze ook effectief subsidies aanvragen. Uitgaande van een steekproef op 225 jonge, technologische bedrijven in Vlaanderen kunnen we concluderen dat bedrijven die over minder financiële middelen beschikken, vlugger O&O subsidies aanvragen en dat bedrijven die geleid worden door teams met meer commerciële ervaring hier minder toe geneigd zijn. We ontdekten ook dat samenhangende teams makkelijker subsidies krijgen.
Deze IWT-studie is enkel beschikbaar in het engels volg onderstaande link om deze te bekijken !